2017 KEW vrijstelling verruimd

 

Om gebruik te mogen maken van de belastingvrije uitkering van een kapitaalverzekering eigen woning (KEW) moet aan voorwaarden worden voldaan.

  • Minimaal 15 of 20 jaar aaneengesloten premiebetaling.

De KEW sinds 2001

Met de introductie van de Wet IB 2001 is ook de Kapitaalverzekering Eigen Woning (KEW) geïntroduceerd.

Bestaande kapitaalverzekeringen konden worden aangemerkt als KEW of worden voortgezet als kapitaalverzekering in box 3. De KEW werd geplaatst in box 1 en kwam belastingvrij tot uitkering indien deze aan een aantal voorwaarden voldeed, waaronder:

  • De uitkering wordt gebruikt voor de aflossing van de eigenwoningschuld.
  • De laagste en hoogste jaarpremie blijven binnen een bandbreedte van 1:10.
  • Premiebetaling van minimaal 15 (voor een lage ) of 20 jaar (voor een hoge) vrijstelling.

Op de laatste voorwaarde bestonden 2 uitzonderingen. Bij een uitkering door overlijden voor er 20 jaar premie was betaald, mocht toch gebruik worden gemaakt van de hoge vrijstelling. Ook indien men verhuisde van een koop- naar een huurwoning mocht de 20-jaars vrijstelling worden gebruikt.

In 2008 zijn de spaarrekening eigen woning (SEW) en het beleggingsrecht eigen woning (BEW) geïntroduceerd. Waar gesproken wordt over een KEW wordt ook bedoeld een SEW en een BEW.

 

Het besluit uit 2012
Op 20 december 2012 heeft de Staatssecretaris van Financiën een besluit genomen inzake de tijdklemmen. Tijdklemmen zijn de vereisten van een premiebetaling van respectievelijk 15 en 20 jaar.. Belastingplichtigen die zich in een moeilijke financiële situatie bevinden, krijgen de mogelijkheid de 20-jaars vrijstelling te gebruiken, ook als nog geen 20 jaar premie is betaald. Dit geldt voor de volgende situaties:

  • Bij beëindiging fiscaal partnerschap, zoals bij echtscheiding;
  • Bij een vorm van schuldhulpverlening;
  • Bij verkoop van de eigen woning waarbij de verkoopprijs onvoldoende is om de eigenwoningschuld volledig af te lossen.

De belastingplichtige die zijn KEW voortijdig tot uitkering wil laten komen, moet aan de verzekeraar of bank aannemelijk maken dat hij zich in één van de hierboven genoemde situaties bevindt. Zo ja, dan kan een onbelaste uitkering volgen.

 

Het besluit uit 2014
Twee jaar later, op 17 december 2014 wordt een tijdklemmenbesluit genomen wat het besluit uit 2012 vervangt. Feitelijk is het besluit van 17 december een aanvulling op het 11 dagen eerder genomen verzamelbesluit over kapitaalverzekeringen.

Het nieuwe besluit van 17 december 2014 is ruimer dan het besluit uit 2012. Toegevoegd is namelijk dat de tijdklem ook kan vervallen als sprake is van een kapitaalverzekering waarop het overgangsrecht van de Wet IB 2001 van toepassing is. Oftewel, voor kapitaalverzekeringen die op 31 december 2000 in box 3 zijn geplaatst en uitzicht geven op een belastingvrije uitkering. Zo moeten ze voldoen aan de bandbreedte-eis 1:10, maar ook aan de voorwaarden van het overgangsrecht, te weten (op of) na 1 januari 2001 geen premieverhoging of verhoging van het verzekerd kapitaal, dan wel verlenging van de looptijd.

 

Sinds 2017
De situaties van relatiebeëindiging, restschuld of schuldhulpverlening uit de eerder genoemde besluiten, waarbij de tijdklemmen kunnen vervallen, leidden de afgelopen jaren in de praktijk vaak tot onduidelijkheden. Bovengenoemde situaties zijn nu in een wetsvoorstel opgenomen en daarnaast worden meteen een aantal veranderingen en verduidelijkingen doorgevoerd.

Vanaf 2017 zijn er vier uitzonderingssituaties, naast overlijden, waarbij de hoge uitkeringsvrijstelling van toepassing, is ondanks dat er geen 20 jaar premie is betaald:

  1. Bij beëindiging fiscaal partnerschap, zoals bij echtscheiding.
  2. Bij schuldhulpverlening als bedoeld in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening.
  3. Bij verkoop van de eigen woning, waarbij direct daarna nog steeds, of opnieuw, een eigen woning ter beschikking staat.
  4. Bij aantoonbare financiële problemen van de eigenwoningbezitter. Deze moet dan op dat moment of binnen afzienbare tijd niet meer in staat zijn de woonlasten te voldoen.

 
Direct aflossen verplicht?
In de praktijk gebeurt het regelmatig dat de eigenwoningschuld direct wordt afgelost met de opbrengst van de verkoop van de eigen woning en dat de KEW daarna pas tot uitkering komt. Is hierdoor het recht op de uitkeringsvrijstelling verloren gegaan? Nee. Om bij verkoop van de eigen woning recht te houden op de uitkeringsvrijstelling, is een belastingplichtige niet verplicht de eigenwoningschuld direct met de KEW-uitkering af te lossen. Als de KEW tot uitkering komt in het kader van de verkoop van de eigen woning, dan wordt de uitkering geacht te zijn gebruikt voor de aflossing van de eigenwoningschuld.

Conclusie: tussen het vrijkomen van het kapitaal en de aflossing van de eigenwoningschuld moet een direct verband bestaan. Het maakt niet uit met welke bron de aflossing wordt gefinancierd. Het moment van uitkering van de KEW en het aflossen van de eigenwoningschuld hoeven dus niet samen te vallen.

KEW-uitkering: deel gebruikt voor aflossing EWS, deel voor iets anders
Een belastingplichtige heeft een eigenwoningschuld die hoger is dan zijn KEW-uitkering. Hij gaat een deel van deze uitkering gebruiken voor aflossing van zijn eigenwoningschuld en de rest voor iets anders. Kan deze man gebruik maken van de uitkeringsvrijstelling? Nee. Alleen als de belastingplichtige de kapitaalsuitkering gebruikt om de eigenwoningschuld zoveel als mogelijk af te lossen, geldt de vrijstelling. In dit geval is de eigenwoningschuld hoger dan de KEW-uitkering.

Conclusie: in zo’n geval komt ‘zoveel als mogelijk’ erop neer dat de gehele KEW-uitkering moet worden gebruikt voor aflossing van de eigenwoningschuld, tenminste als de belastingplichtige gebruik wil maken van de uitkeringsvrijstelling. Dan moet nog wel aan de overige voorwaarden worden voldaan.

Is aflossing op nieuwe annuïtaire EWS toegestaan?
Om bij een uitkering uit een KEW gebruik te kunnen maken van de uitkeringsvrijstelling, mag de uitkering worden gebruikt voor de aflossing op een op 31 december 2012 bestaande eigenwoningschuld. Kan de vrijstelling ook worden gebruikt als een andere, nieuwe eigenwoningschuld waarvoor de annuïtaire aflossingseis geldt zoveel mogelijk wordt afgelost? Ja. Er kan ook dan gebruik worden gemaakt van de uitkeringsvrijstelling.

Conclusie: er wordt geen onderscheid gemaakt tussen een op 31 december 2012 bestaande eigenwoningschuld of een nieuwe eigenwoningschuld die is ontstaan na 31 december 2012.

KEW-uitkering gebruiken voor verbouwing?
De V&A-set geeft geen antwoord op de vraag of een KEW-uitkering kan worden gebruikt voor de financiering van een verbouwing. In de praktijk bestaat hierover onduidelijkheid. Een uitkeringsvrijstelling kan bij een uitkering uit een KEW alleen worden gebruikt als de uitkering heeft gediend voor de aflossing van de eigenwoningschuld. Daarmee is het dus niet mogelijk om een KEW-uitkering (vrijgesteld) te gebruiken voor het financieren van een verbouwing. Als iemand de KEW-uitkering daar toch voor wil gebruiken én daarbij zijn uitkeringsvrijstelling wil benutten, moet hij voor die verbouwing eerst een eigenwoningschuld aangaan. Daarna kan die lening worden afgelost met de KEW-uitkering.

Conclusie: de vrijstelling kan bij een verbouwing dus alleen via een omweg (kasrondje verplicht!) worden gebruikt

Bron FFP